Natuurmuseum Brabant

Beste kidsproof museum van Noord-Brabant (en tweede van Nederland!)
Museum is vandaag open
van 10.00 tot 17.00 uur

Hoe werkt een museum?

Wat gebeurt er in een museum?

Een museum is een verzamelplaats. Een kunstmuseum verzamelt schilderijen, beeldhouwwerken of andere kunstvoorwerpen. Een natuurmuseum verzamelt dieren, planten, stenen, mineralen en fossielen. Een historisch museum verzamelt spullen van vroeger. Er zijn heel veel musea in Nederland, wel meer dan 1000. Je kunt het bijna niet bedenken of er is een museum voor. Wat dacht je van een speelgoedmuseum, een watermuseum, een schoenenmuseum of een brandweermuseum?
Voorwerpen die een museum verzamelt noemen we objecten. 

Verzamelen
Waarom is het verzamelen belangrijk?
Stel je voor dat alle dingen die nu in een museum staan, bij de mensen thuis zouden staan. Of ze zouden niet bewaard en gewoon weggegooid worden. Je zou heel Nederland door moeten rijden en overal een afspraak moeten maken om een schilderij of beest te bekijken. Dat is niet handig.
Als je een nieuwe schelp gevonden hebt is het makkelijk als je die kunt vergelijken met andere schelpen. Daar heb je een verzameling voor nodig. Op die manier kun je achter de naam komen of misschien kom je tot de ontdekking dat je een hele nieuwe schelp gevonden hebt. Onderzoekers in een museum hebben verzamelingen nodig om goed te kunnen vergelijken en te bestuderen. Een verzameling dieren, stenen, fossielen, planten of andere voorwerpen noemen we in het museum een collectie.

Wat verzamelen we in Natuurmuseum Brabant?
In Natuurmuseum Brabant verzamelen we opgezette dieren, planten, fossielen, stenen en mineralen. Daarnaast hebben we oude boeken over de natuur en voorwerpen die mensen vroeger gebruikten in de natuur.

Hoe komt het museum aan zijn verzamelingen?
Het museum krijgt vaak spullen aangeboden van mensen die stoppen met hun verzameling. Ze geven hun objecten dan aan het museum omdat ze weten dat de mensen in het museum goed voor hun spullen zorgen.
Soms kopen we objecten omdat we die nodig hebben in een tentoonstelling. Bij de preparateur kopen we dan het dier dat we graag willen hebben.

Bewaren
Een museum bewaart belangrijke, leuke, waardevolle of mooie spullen. Goed bewaren is een vak apart. Alles moet op de juiste manier bewaard worden, niet te koud of te warm, niet te vochtig, maar ook niet te droog. Meestal staan de spullen in het donker, omdat ze anders verkleuren.

Waar wordt alles bewaard?
De bewaarplaatsen in het museum noemen we een depot. Een depot is een grote ruimte met kasten of rekken. Hier staan de spullen allemaal netje bij elkaar, de vogels bij de vogels en de insecten met z'n allen in een lade.
In het museum hebben we trouwens ook een nagebouwd depot: de OO - ZONE op de begane grond is opgezet als een echt depot.

Op welke manieren worden de objecten bewaard?
Er zijn verschillende manieren om objecten te bewaren. Fossielen, stenen en mineralen worden droog en stofvrij bewaard. Daar hoeven de mensen in het museum verder niets meer aan te doen. Dieren worden meestal opgezet. Soms wordt alleen de huid bewaard.
* Kleine dieren, zoals insecten, worden op een speld geprikt en in ladekastjes bewaard.
* Vissen, spinnen, amfibiën en reptielen worden meestal bewaard in potten gevuld met alcohol.
* Planten worden eerst gedroogd en netjes neergelegd. Dan worden ze opgeplakt op speciaal papier en bewaard in een herbarium. Dit is een verzameling gedroogde planten, vastgehecht op papier, met alle gegevens over de gedroogde planten er netjes bijgeschreven.
* Mossen bewaren we in kleine enveloppen.

De collectiebeheerder zorgt dat de verzamelingen (de collecties) goed bewaard worden. Hij zorgt ervoor dat de collectie netjes opgeruimd blijft.

Hoe kun je een object terugvinden?
Elk voorwerp krijgt een etiket met de naam van het voorwerp en een nummer. Op een aparte kaart worden alle andere gegevens van het object geschreven. Waar het vandaan komt, wie het gevonden of naar het museum gebracht heeft, het jaar dat het in de collectie gekomen is en of er nog bijzondere dingen aan het voorwerp te zien zijn.
Het museum heeft ongeveer 50.000 van dit soort kaarten. De mensen van het museum zijn nu bezig al deze kaarten in een computer over te zetten. Een enorme berg werk!

Welke gevaren bedreigen de verzameling?
Hoe goed het museum ook voor zijn spullen zorgt, er liggen altijd gevaren op de loer. Van veel zonlicht verkleuren de dieren en planten. Er zijn ook dieren die de verzameling zien als een lekkernij. De museumkever en de stofmijt leggen er hun eitjes in. De larven eten het gedroogde vel. De veren of haren vallen dan van het dier. Aan een kaal beest heeft het museum natuurlijk niets. Ook teveel aanraken is niet goed voor het object. Daarom draagt de collectiebeheerder handschoenen als hij de dieren vastpakt.

Onderzoek
Onderzoekers in een museum worden conservatoren genoemd. Aan de verzamelingen in Natuurmuseum Brabant wordt onderzoek gedaan. Wetenschappers of andere onderzoekers kunnen de collecties van het museum bestuderen. Als ze iets belangrijks ontdekken schrijven ze daarover in wetenschappelijke tijdschriften zodat andere collega's op de hoogte gehouden worden. Zo heeft een Italiaanse onderzoeker nog niet zolang geleden in Natuurmuseum Brabant een nieuwe, fossiele walvissoort ontdekt die miljoenen jaren geleden geleefd heeft!

Tentoonstellen
De voorwerpen die het museum verzamelt en bewaart, worden aan de mensen getoond. Dat gebeurt in een tentoonstelling. Zo kan iedereen de verzameling van het museum zien. Een tentoonstelling die meerdere jaren blijft staan noemen we een permanente tentoonstelling.
Het museum heeft veel meer objecten dan ze in de tentoonstellingen kunnen laten zien.
Een tijdelijke tentoonstelling wordt na een paar maanden tot een jaar vervangen. Hierdoor kan het museum telkens andere voorwerpen uit het depot laten zien. 

58GFCS